Belasting op studentenkoten

De wet beschouwt studentenhuizen exclusief verhuurd aan studenten als tweede verblijven. Daarom moet je er belasting op betalen.

Belasting op tweede verblijven vanaf 1 januari 2026 ook voor studentenkamers en studio's

De Stad Gent heft voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 belasting op tweede verblijven. Er is geen vrijstelling meer voor ‘studentenhuizen’. Als eigenaar heb je misschien recht op een verlaagd tarief als je voldoet aan de voorwaarden. 

  • Voor studentenkamers en – studio’s in de homes van de hogeronderwijsinstellingen of de privaat beheerde grootschalige studentenaccommodaties geldt het verlaagde tarief A (voor basiskoten) of B (voor studio’s of koten met apart sanitair, toilet of keuken).
  • Voor de studentenkamers en -studio’s gelegen in een ‘studentenhuis’ met conformiteitsattest,  geldt het verlaagde tarief C (voor basiskoten) of D (voor studio’s of koten met apart sanitair, toilet of keuken).
  • In de andere gevallen wordt het ‘standaardtarief’ voor tweede verblijven toegepast (behoudens verblijven met beroepsdoeleinden).

In een studentenhuis is elke kamer of studio een aparte woonentiteit waarop de belasting voor tweede verblijven van toepassing is.

De belasting betaal je in één keer voor het volledige jaar op 1 januari van het aanslagjaar. De eigenaar van het pand kan het bedrag doorrekenen aan de huurder. Dit moet wel opgenomen zijn in het studentenhuurcontract en enkel in verhouding tot het deel waarvan de student huurder is.

De belasting bedraagt:

Tarief in Euro20262027202820292030
Studententarief A066,5068,0069,0070,50
Studententarief B0133,00136,00138,00141,00
Studententarief C095,0097,0099,00101,00
Studententarief D0190,00194,00198,00202,00
Beroepstarief350,00357,00364,00371,00379,00
Standaardtarief2.000,002.000,002.081,002.2122,002.165,00

Een studentenhuis is een gebouw dat cumulatief voldoet aan onderstaande voorwaarden: 

  • Het gebouw bestaat uitsluitend uit kamers en hun gemeenschappelijke ruimten, en/of studio's met hoogstens 1 uitzondering.
  • Alle woningen in het gebouw zijn specifiek gericht op de huisvesting van studenten, met hoogstens 1 uitzondering.
  • Het gebouw voldoet aan de stedenbouwkundige normering.
  • Het gebouw voldoet aan de gewestelijke kwaliteits- en veiligheidsnormen inzake kamers en studio’s geattesteerd door een conformiteitsattest. Aanvragen van een conformiteitsattest ingediend bij de bevoegde administratie ten laatste 30 juni van het aanslagjaar én voor zover het eerstvolgende controlebezoek resulteert in een conformiteitsattest, worden eveneens in aanmerking genomen vanaf het aanslagjaar van deze aanvraag.

Een appartement gelegen in een meergezinswoning wordt nooit beschouwd als een studentenhuis.

Beheerde grootschalige studentenvoorziening is een gebouw dat cumulatief voldoet aan onderstaande voorwaarden:

  • Het gebouw bevat uitsluitend woningen gericht op de huisvesting van studenten, met hoogstens één uitzondering.
  • Het gebouw voldoet aan de stedenbouwkundige normering.
  • De woningen in het gebouw worden verhuurd door, of er is een beheersovereenkomst voor het gebouw afgesloten met, een erkende instelling voor hoger onderwijs. Het gaat om de beheersovereenkomst voorzien voor grootschalige collectieve studentenaccommodaties in het Algemeen Bouwreglement.

In uitzonderlijke gevallen mogen studenten in een gezinswoning of appartement verblijven (geen studentenhuisvesting). Wanneer mag dit wel? Lees het hier. De belasting op tweede verblijven moet hier sowieso betaald worden wanneer er studenten wonen zonder inschrijving.

Je dient je aangifte ten laatste op 30 juni in bij het stadsbestuur.

Bekijk het volledige reglement

Studententarief C of D voor studentenhuizen

Om het verlaagde studententarief C of D te verkrijgen, moet je als eigenaar aantonen dat het ‘studentenhuis’ kwalitatief en brandveilig is, én aan de stedenbouwkundige normen voldoet. Dat doet je aan de hand van een conformiteitsattest en bewijs van rechtmatige opdeling van de woning. 

De aanvraagprocedure duurt ongeveer 3 maanden. Zorg ervoor dat je op tijd de aanvraag doet. Heb je voor de woning geen geldig conformiteitsattest of is de opdeling van de woning in aparte kamers of studio’s niet rechtmatig gebeurd, dan is het ‘standaardtarief’ van toepassing.


Wie betaalt de onroerende voorheffing?

De onroerende voorheffing is een percentage van je geïndexeerde kadastraal inkomen. Deze belasting op onroerende goederen moet je jaarlijks betalen en bestaat uit 2 delen:

  • Basisheffing voor het Vlaams Gewest
  • Opcentiemen voor de provincies en gemeenten

Meestal is het de eigenaar die de onroerende heffing moet betalen. Je mag de belasting niet doorrekenen aan je huurders als jouw woning hun hoofdverblijfplaats is.