Sporten zonder grenzen

Klimmen, voetbal, atletiek, dans. Er zijn weinig sporten die je niét kan doen in Gent, zelfs met een beperking. Vier G-sporters getuigen.

G-sport zit in de lift. Zeven op de 10 Vlamingen met een beperking werkt zich nu al minstens één keer per week in het zweet, al dan niet in clubverband. Gentenaars Izaak, Mirte, Sebbe en Manuel zijn er daar vier van.

De klimkriebels van Izaak

‘Ik ben altijd al avontuurlijk ingesteld geweest: hoogteparcours, deathrides, uit een vliegtuig springen … Maar dat viel allemaal weg rond mijn achttiende, toen mijn ataxie verergerde’, vertelt Izaak Vercruyssen (32). Ataxie is de genetische ziekte waarmee hij werd geboren. ‘Daardoor maak ik soms ongecontroleerde bewegingen, zak ik tijdens het stappen soms door mijn benen en heb ik evenwichtsproblemen. In het dagelijkse leven wandel ik met een stok, maar als ik vermoeid ben worden de symptomen erger. Dan neem ik mijn rolstoel.’  

  • Het klimmen was liefde op het eerste gezicht. Door te klimmen worden mijn spieren sterker, wat een tegengewicht biedt voor mijn ataxie. Tegelijk geeft het mij een mentale boost.

    G-sporter Izaak Vercruyssen

Een gevoel van trots en vrijheid

Izaak heeft dan wel een beperking, maar die houdt hem niet tegen in de klimzaal. 'Toen mijn beperking zich plots sterker manifesteerde kwam ik eerst mijn huis bijna niet meer uit, tot ik weer begon te sporten. Eerst ging ik naar een duikclub, sinds een kleine drie jaar kom ik naar Klimzaal Bleau. Het klimmen was liefde op het eerste gezicht. Bij de eerste poging geraakte ik meteen tot boven. Ik was trots en voelde een soort vrijheid die ik niet meer kan missen. Klimmen is iets heel fysiek, maar tegelijk moet je een puzzel oplossen. Welke route moet ik nemen? Dat vind ik geweldig. Door te klimmen worden mijn spieren sterker, wat een tegengewicht biedt voor mijn ataxie. Tegelijk geeft het mij een mentale boost.’

Aparte momenten voor G-klimmers 

Isaak is lang niet de enige die helemaal gewonnen is voor het G-aanbod bij Klimzaal Bleau. De bekende club aan de Blaarmeersen reserveert wekelijks vier afzonderlijke momenten voor G-klimmers, waarvan eentje specifiek voor mensen met autismespectrumsyndroom (ASS). ‘Als club zijn we tegelijk exclusief als inclusief’, vertelt Christophe Caesens van Klimzaal Bleau. ‘De G-klimmers krijgen extra begeleiders. Maar zij klimmen wel tussen alle andere klimmers. Het mooiste is als we iemand kunnen laten doorstromen. We hebben hier al gasten die na jaren bij de G-klimmers een niveau bereikten waarmee ze ook in de reguliere werking kunnen meedraaien. Dat is heel mooi om te zien.’

G-atletiek met Mirte 

Lopen en zwemmen, springen en voetballen, basketten en dansen, kegelen, badminton, wandelen … Mirte Detollenaere (21) is een bezige bij. Tijdens de zomervakanties leeft ze zich uit op de G-sportkampen van de stad Gent.

‘Gewone sportclubs of sportkampen zijn moeilijk voor Mirte',  vertelt mama Sandra Thienpont. 'Ze begrijpt de regels van een spel niet altijd en heeft wat extra begeleiding nodig. Dus gaan we uitdrukkelijk op zoek naar G-sport.'
Tijdens het schooljaar zwemt Mirte bij BOAS, een sociaal-sportieve organisatie die ‘iedereen kan (leren) zwemmen’ als motto hanteert. Op woensdagnamiddag gaat ze naar de G-atletiek bij AC Deinze. 'Tijdens de zomervakantie gaat ze naar Gent voor de G-sportkampen. Dat doen we nu al meer dan tien jaar.’

Gewone sportclubs of sportkampen zijn moeilijk voor Mirte. Ze begrijpt de spelregels niet altijd en heeft wat extra begeleiding nodig. Dus gaan we uitdrukkelijk op zoek naar G-sport. Als er fysiek of mentaal iets scheelt, kunnen de begeleiders echt aandacht geven.

Sandra Thienpont, mama van Mirte

Genieten met volle teugen

Mirte startte de G-sportkampen indertijd in de groep voor 6- tot 12-jarigen. Intussen zit ze al een tijdje bij de grotere kinderen, een groep die er in principe is voor de leeftijden van 12 tot 18. ‘Mirte is al ouder, maar volgens de begeleiders past ze nog perfect in de groep. Het is een fijne groep van maximaal 12 sporters met een beperking. Zij worden er bijgestaan door vier begeleiders. Mirte geniet er echt met volle teugen van al die activiteiten. 

Goud waard

Na een onthaalmoment met kennismakingsspelletjes begint het echte werk. Tijdens het ene dagdeel leven ze zich uit in sport en spel, in het andere ligt de focus telkens op één specifieke sport. Over de middag voorzien ze altijd een rustmomentje: wat knutselen of kleuren, naar rustige muziek of een luisterverhaal luisteren… Zo brengen ze de kalmte tussen twee dagdelen. ‘Die begeleiding is goud waard. Als er fysiek of mentaal iets scheelt, kunnen de begeleiders echt aandacht geven aan het probleem’, vertelt Sandra. ‘Ze kunnen iemand extra laten rusten, of wat meer aandacht geven.' 

De voetbalcoach in Sebbe

Zoals zoveel andere jonge kerels is Sebbe Schepens (20) gek op voetbal. Alleen vond hij door zijn motorische beperking moeilijk zijn draai als speler. Als gevolg van een hersenbloeding bij zijn geboorte kampt Sebbe met cerebrale parese, een houding- en bewegingsstoornis. ‘Concreet heb ik moeite met motorische bewegingen, spiercontrole en evenwichtscoördinatie. Ik heb ook een visuele verwerkingsstoornis, waardoor dieptezicht en ruimtes inschatten moeilijk zijn.'

Een eigen team

Om toch te kunnen voetballen sprongen Sebbe en zijn papa Filip meermaals in de auto richting Limburg, waar er een ploeg bestaat specifiek voor spelers met cerebrale parese. ‘Dat was perfect wat we zochten, maar veel te ver van huis’, vertelt Filip. ‘Uiteindelijk kwam ik in contact met FC Rooigem, een heel fijne en inclusieve club. Die wilde een G-team opstarten, maar vond geen trainer. Ik ben ergotherapeut en heb wel wat achtergrond in voetbal, dus heb ik me geëngageerd.’ Nu, acht jaar later, is voetbalclub CP Rooigem een volwaardig deel van FC Rooigem. De letters staan voor cerebrale parese. 

 

  • Ik weet waar spelers met cerebrale parese mee worstelen, zowel op het veld als in het leven. Dan is het fijn om hen te kunnen helpen.

    G-sporter Sebbe Schepens

Met grinta en goesting

Elke zaterdag komt een vijftiental spelers samen, van 6 tot 18 jaar oud. Eerst training, afsluitend een wedstrijdje van zeven tegen zeven op een verkleind veld. De buitenspelregel is niet van tel, want te ingewikkeld voor spelers die moeite hebben met dieptezicht. Maar de grinta, goesting en spelvreugde zijn dezelfde als op elk ander voetbalveld.

De familie Schepens schrijft mee aan een mooi verhaal, en dat is nog lang niet ten einde. Intussen neemt Sebbe steeds meer het stokje over van zijn vader. Hij is steeds minder speler, steeds meer trainer. ‘Ik weet waar spelers met CP mee worstelen, zowel op het veld als in het leven. Dan is het fijn om hen te kunnen helpen.’ 

Dansen met de ogen dicht

Manuel Delaere (46) is nagenoeg blind, maar toch danst hij salsa, bachata en kizomba als geen ander. ‘Mijn liefde voor de dans begon toen ik 17 was, in een vakantiedorp in Sicilië. Het animatieteam had een dansavond georganiseerd. Ik kon toen niet meedoen, maar was op slag verliefd. Ik moest en zou dat leren.' Niet evident, want Manuel heeft retinitis pigmentosa, een degeneratieve oogziekte. Dat betekent dat zijn zicht steeds slechter wordt. ‘Op mijn dertigste kon ik niet meer lezen. Sindsdien noem ik mezelf blind, hoewel dat niet 100% klopt. Als ik stilsta, herken ik af en toe nog een vorm.’

  • Oriëntatie is een heikel punt voor blinden en slechtzienden. We werken daarom met vaste refe­ren­tie­pun­ten, zoals een balletbarre of een danspartner. Ook een stap-voor-stapuitleg is belangrijk.

    G-sporter Manuel Delaere

Sinds 2019 danst hij bij DanceOrientation, een dansschool met een uitgebreide G-werking en gespecialiseerd in inclusieve lessen voor dansers met een fysieke beperking. Bezielster Michèle Martens werkt er met een zorgvuldig uitgewerkt pedagogisch programma op maat van blinden en slechtzienden. Een voorbeeld? ‘Oriëntatie is een heikel punt voor blinden en slechtzienden', legt Manuel uit. 'We werken daarom met vaste referentiepunten, bijvoorbeeld met een balletbarre of danspartner. Ook een gedetailleerde stap-voor-stapuitleg is heel belangrijk.'

Dansen is voelen

Vandaag staat Manuel zo’n 12 à 15 uur per week op de dansvloer. Niet enkel als deelnemer, maar ook als assistent-lesgever. ‘Ik geef geregeld 1-op-1-lessen aan mensen met een visuele beperking en assisteer bij de inclusieve lessen voor zowel ziende als niet-ziende dansers. Hoe ik weet of een deelnemer het goed heeft begrepen? Dan dans ik zelf even met die persoon. Dan voel ik het meteen.’

Last changed : 5 december 2025