Aangifte van een levenloos geboren kind

Kinderen die levenloos geboren zijn maar minstens 6 maanden werden gedragen door de moeder, moeten worden aangegeven.

Jouw en onze veiligheid staat op de eerste plaats en daarom:

  • Werken we op afspraak.
  • Mag je pas 10 min vóór je afspraak het gebouw binnen.
  • Zijn de afspraaktijden ruimer, zodat er geen wachtrijen ontstaan.
  • Staan er minder stoelen in de wachtruimte.
  • Kom je indien mogelijk alleen naar je afspraak.
  • Draag je bij voorkeur een mondmasker.Inhoudstafel

Beschrijving

Als een kindje dat meer dan 6 maanden gedragen werd, dood wordt geboren of sterft vóór de de geboorte is vastgesteld door de geneesheer of vroedvrouw, moet hiervan een akte van overlijden opgesteld worden.

Voorwaarden

De aangifte van een levenloos geboren kind:

  • is verplicht vanaf een zwangerschapsduur van 180 dagen (26 weken of 6 maanden)
  • kan, op verzoek van de ouders, bij een zwangerschapduur tussen 140 en 179 dagen

Indien de ouders dit wensen kan de foetus wel begraven of gecremeerd worden, ongeacht de duur van de zwangerschap.

Wanneer het kind leefde op het ogenblik van de geboorte, maar overleed vooraleer de geboorte werd aangegeven, wordt het kind niet als doodgeboren beschouwd. In dit geval wordt een geboorte- en overlijdensakte opgemaakt en geen akte van aangifte van een levenloos kind.

Wat mee te nemen?

  • Overlijdensattest
  • Medisch attest met vermelding van de zwangerschapsduur

 

Bedrag

Gratis.

Uitzonderingen

Bij een zwangerschapsduur tussen 140 en 179 dagen kunnen de ouders een voornaam toekennen.

Bij een zwangerschapsduur vanaf 180 dagen kunnen de ouders een voor- en familienaam toekennen.

Procedure

De aangifte van een levenloos gboren kind wordt gedaan door de ouders of begrafenisondernemer bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de overlijdensplaats.

De akte wordt ingeschreven in het register van de akten van overlijden.

Regelgeving

27 APRIL 1999. - Wet tot invoeging van een artikel 80bis in het Burgerlijk Wetboek en tot opheffing van het decreet van 4 juli 1806 aangaande de manier van opstelling van de akte waarbij de ambtenaar van de burgerlijke stand constateert dat hem een levenloos kind werd vertoond.
Het nieuwe artikel 80bis voorziet in de niet-verplichte toekenning van een voornaam voor het kindje.