‘We laten een leerling niet los, ook niet als het traject vastloopt’
Hoe scholen omgaan met afwezigheden: preventie, samenwerking en nabijheid als sleutel om leerlingen betrokken te houden en terug te brengen.
Wat begint met enkele dagen afwezigheid door hoofdpijn, kan soms eindigen met maandenlang niet naar school gaan. Scholen worstelen dan met dezelfde vragen: hoe krijg je een leerling weer in beweging? En hoe zorg je dat de band met de school niet breekt? Bieke, brugfiguur op Tectura Groenkouter, en Andreas, arts bij het CLB, delen hun ervaringen.
Bieke: ‘Preventie is de basis. Tijdens een eerste huisbezoek leg ik meteen uit hoe het systeem van afwezigheden werkt. Verwittig de school als je ziek bent en ga langs bij de huisarts. We worden niet boos, maar we moeten wel kunnen opvolgen. Soms krijgen we vanuit de lagere school al in vertrouwen signalen mee over problematische afwezigheden. Toch vind ik dat elke leerling in het secundair een nieuwe start verdient.’
-
Vaak ken ik gezinnen al. Even aanbellen en vragen: hoe gaat het? Tonen dat je er bent, houdt de verbinding met school intact.
Een gedeelde verantwoordelijkheid
Hoe worden afwezigheden bij jullie opgevolgd?
Bieke: ‘Het hele schoolteam is ervan overtuigd dat aanwezig zijn op school belangrijk is, maar ook dat afwezig zijn verschillende oorzaken kan hebben, het is niet altijd spijbelen. Het is een gedeelde verantwoordelijkheid om afwezigheden op te volgen. Leerkrachten registreren, het secretariaat belt ouders op, maar als het nodig is communiceren we ook via whatsapp. We schakelen ook soms meertalige collega’s in of we werken met vertaalapps. Bij zorgwekkende afwezigheden nemen leerlingenbegeleiding, zorg en CLB over. Het is een gedeelde verantwoordelijkheid.’
Als brugfiguur probeert Bieke vooral nabij te blijven. ‘Vaak ken ik gezinnen al. Als ouders moeilijk bereikbaar zijn, spring ik op mijn fiets. Even aanbellen en vragen: hoe gaat het? Ben je al bij de dokter geweest? Niet iedereen deelt spontaan wat er thuis speelt. Maar tonen dat je er bent, houdt de verbinding met school intact.’
Medische bril
Op welk moment word jij als CLB-arts betrokken, Andreas?
Andreas: ‘Ik volg medische onderzoeken en vaccinaties op en hou ook de algemene ontwikkeling en het (psychisch) welzijn mee in het oog. Daarnaast overleg ik met mijn collega’s van het CLB, scholen en huisartsen bij specifieke casussen. Denk aan een leerling met epilepsie: welke medicatie mag op school? Wat bij een aanval? Als voltijds schoollopen niet lukt, zoeken we samen naar haalbare alternatieven.’
Welke thema’s komen vaak terug op een zorg- of spijbeloverleg?
Bieke: ‘We zien leerlingen die regelmatig afwezig zijn zonder attest, met terugkerende klachten zoals hoofdpijn of menstruatiepijn. Die leerlingen moedigen we aan om toch naar de dokter te gaan. Daarnaast zijn er jongeren die ’s ochtends moeilijk uit bed raken, bijvoorbeeld omdat ouders al vroeg gaan werken. Eens ze te laat zijn, zien ze het soms helemaal niet meer zitten om naar school te komen. Dan probeer ik duidelijk te maken: elk lesuur telt!’
Andreas: ‘We zien ook een stijging van langdurige afwezigheid zonder duidelijke medische oorzaak. Vermoedelijk zit covid daar voor iets tussen. Sommige jongeren hebben negatieve schoolervaringen of kampen met sociale angst. Wat begint met vage klachten en doktersattesten, kan uitgroeien tot een patroon dat moeilijk te doorbreken is. Als de doktersattesten én ongewettigde afwezigheden zich beginnen op te stapelen, is het vaak heel moeilijk om die leerlingen nog terug naar school te krijgen.’
-
Het gevoel van verbondenheid is het belangrijkste. Een persoonlijke aanpak haalt meer uit dan louter sanctioneren.
Maatwerk vraagt samenwerking
Welke acties kunnen scholen dan ondernemen?
Andreas: ‘Wanneer het voor leerlingen niet meer lukt om het gewone traject te lopen, kijken scholen naar individuele trajecten: deeltijds naar school gaan, aangevuld met tijdelijk onderwijs aan huis (TOAH), Bednet, NAFT, … Er zijn veel mogelijkheden, maar ze vragen intensieve organisatie en afstemming met leerlingen, ouders en andere partners.’
Bieke: ‘Ook informatie-uitwisseling is cruciaal. Als we merken dat verschillende artsen attesten schrijven zonder dat van elkaar te weten, vragen we het CLB om af te stemmen. Zo kunnen we samen bekijken of verder onderzoek nodig is. Ik kan de ouders dan ook nauwer opvolgen.’
Andreas: ‘Huisartsen zien het aantal gewettigde afwezigheden, maar niet de ongewettigde. Zij zien bijvoorbeeld dat een leerling 20 dagen thuis is geweest omwille van hoofdpijn, wat al best veel gemiste schooldagen zijn. Maar als dan blijkt dat er ook nog 30 dagen ongewettigde afwezigheden bij zijn, dan schrikken ze. Die signalen delen is belangrijk.’
De band warm houden
Wat kan je doen als een leerling al maanden afwezig is?
Bieke: ‘Blijf contact houden! Via een brugfiguur, CLB-medewerker, leerlingenbegeleider of klastitularis. En als een leerling terug naar school komt: zorg voor een warm onthaal. Ook al komen ze maar voor een halve dag, of zijn ze te laat. De focus moet eerst liggen op aanwezig zijn, niet op punten in orde brengen. Een secundaire school is groot en prikkelrijk. Dan maakt een betrokken team het verschil.’
Andreas: ‘Klopt! Wat het beste werkt, zowel bij gewettigde als bij ongewettigde afwezigheden, is het gevoel van verbondenheid. Het gevoel dat je erbij hoort. Een persoonlijke aanpak haalt meer uit dan louter sanctioneren.’
Aanwezigheid vraagt dus meer dan controle. Het vraagt nabijheid, samenwerking en een schoolteam dat blijft geloven in elke leerling, ook wanneer het moeilijk loopt.
Gents spijbelactieplan
Spijbelgedrag is het topje van de ijsberg. Het Gents spijbelactieplan vertrekt vanuit een krachtig partnerschap met een centrale plek voor de leerlingen en hun context.
Lees meerLaatst gewijzigd : 7 april 2026