Geef ex-OKAN-leerlingen de tijd
Hoe ondersteun je ex-OKAN-leerlingen op school? Margot Weyers deelt hoe tijd, vertrouwen en taalondersteuning het verschil maken.
Een OKAN-traject stopt, maar taalverwerving niet. Op Sint-Lievenscollege Business blijft de school daarom bewust investeren in ex-OKAN-leerlingen. Leerkracht Nederlands en aanspreekpunt Margot Weyers vertelt hoe ze dat aanpakken.
Tijd voor taal
Sint-Lievenscollege Business is een domeingebonden school met opleidingen in de dubbele finaliteit en de doorstroomfinaliteit. Heel wat leerlingen hebben er een OKAN-verleden. Ook leerlingen die al in het lager onderwijs als nieuwkomer instroomden en officieel niet als ex-OKAN-leerling worden beschouwd, blijven ondersteuning krijgen.
‘Het is een realiteit waar we niet omheen kunnen, en ook niet willen’, zegt Margot. ‘Dankzij de samenwerking met de OKAN-scholen begrijpen we veel beter hoe taalverwerving bij nieuwkomers verloopt. We weten nu dat daar vijf tot negen jaar overheen kan gaan. Het is dus belangrijk dat we daar als vervolgschool rekening mee houden en leerlingen de tijd geven om te groeien.’
Die kennis vertaalt zich in een aanpak op maat. ‘We zien leerlingen met veel talent die sterk presteren in hun praktijk- of stamvakken, maar moeite hebben met vakken als geschiedenis of aardrijkskunde. Dan bekijken we welke talige ondersteuning mogelijk is en of een flexibel traject aangewezen is.’
Een warm onthaal
Een goede start is volgens Margot cruciaal. Daarom organiseert de school aan het begin van het schooljaar een welkomstmoment voor alle ex-OKAN-leerlingen. Daarna volgen er, afhankelijk van de noden van de groep, regelmatig bijeenkomsten tijdens de middag.
‘In onze taalklas kunnen leerlingen ervaringen uitwisselen, polsen we hoe het met hen gaat en bieden we ondersteuning bij hun schoolwerk. Veel vragen gaan over schoolse vaardigheden. Wat voor leerkrachten vanzelfsprekend lijkt, is dat niet altijd voor deze leerlingen. Denk aan een opdracht uploaden in Smartschool of een complexe opdracht correct interpreteren.’
Groen schriftje
Hoewel Margot het vaste aanspreekpunt is, ziet ze de begeleiding niet als een taak van één persoon. ‘Ex-OKAN-leerlingen komen uitgebreid aan bod op de klassenraad. Bij ons is elke leerkracht ook mentor van een groep leerlingen, waaronder ex-OKAN-leerlingen. Zo is het hele team betrokken bij hun traject en welbevinden.’
Elke leerling krijgt bovendien een herkenbaar groen schriftje met praktische afspraken en een persoonlijk lessenrooster. ‘Sommige leerlingen zijn bijvoorbeeld vrijgesteld van Frans en volgen op dat moment een extra les Nederlands of economie. In het schriftje noteren ze ook nieuwe vakgebonden woordenschat. Dat mogen ze gebruiken tijdens toetsen. Zo stimuleren we hen om actief aan hun taalontwikkeling te werken.’
Besparingen
De school werkt ook samen met een vervolgschoolcoach die de leerlingen na hun OKAN-traject mee opvolgt. De besparingen, waarbij sinds september twee derde van de middelen voor vervolgschoolcoaching is weggevallen, zullen volgens Margot een grote impact hebben. ‘Onze vervolgschoolcoach Ruben brengt bij de inschrijving het traject en de noden van elke leerling uitgebreid in kaart. Hij neemt deel aan de klassenraden, denkt mee over hun verdere traject en spreekt nieuwe leerlingen wekelijks individueel. Door de besparingen zal die begeleiding sterk verminderen.’
Ook informele momenten maakten volgens haar een verschil. ‘Ruben was vaak aanwezig in de leraarskamer. Leerkrachten konden bij hem terecht met allerlei vragen, bijvoorbeeld om een toets te laten vertalen of om advies te vragen over de aanpak van een leerling.’
De school zal de besparingen niet volledig kunnen opvangen. ‘Ruben kende de leerlingen door en door. Hij wist waar hun uitdagingen lagen en bracht die informatie ook naar de klassenraad. Dat kunnen we niet zomaar vervangen. We zullen goed moeten kijken waar de grootste noden liggen en daar gericht op inzetten. Onze taalklas en het groene schriftje worden daardoor alleen maar belangrijker.’
Toen hij in het vierde jaar instroomde, dacht hij dat afstuderen onmogelijk zou zijn. Dankzij enkele leerkrachten die in hem bleven geloven, is het toch gelukt.
Eén advies voor andere scholen
Tot slot heeft Margot nog één advies: ‘Geef ex-OKAN-leerlingen de tijd. Wanneer ze pas instromen, maken leerkrachten zich soms zorgen omdat ze nog zo weinig begrijpen. Maar de vooruitgang die ze in één schooljaar boeken, is vaak enorm. Het begint met zich goed voelen op school. Pas daarna kan het leren echt beginnen.’
Ze denkt daarbij terug aan een Oekraïense oud-leerling die onlangs op de personeelsvergadering kwam getuigen. ‘Toen hij in het vierde jaar instroomde, dacht hij dat afstuderen onmogelijk zou zijn. Dankzij enkele leerkrachten die in hem bleven geloven, is het toch gelukt. Dat is precies de boodschap die wij ons hele schoolteam willen meegeven.’
Wil je je beleid en aanpak rond ex-OKAN-leerlingen versterken?
Laatst gewijzigd : 1 oktober 2026